‘t was echt roos
[/caption]Bijna had ik iets gevonden in de solden. Bijna. OK: ‘t lag bij de vrouwen. Maar ik ben smal. Maar ‘t was in goed licht echt roos, niet donker rood. Damn. Sjans dat ik het heb laten hangen.
[/caption]Bijna had ik iets gevonden in de solden. Bijna. OK: ‘t lag bij de vrouwen. Maar ik ben smal. Maar ‘t was in goed licht echt roos, niet donker rood. Damn. Sjans dat ik het heb laten hangen.
‘t was laat gisteren, maar toen Sven me uitdaagde een mail te schrijven naar Apple, draaide ik iTunes lekker open en klikte REPLY. Z’n MacBookPro had net buiten de garantie een doorgebrand moederbord en grafische kaart. Het vervangtoestel dat hij kocht had exact hetzelfde na een maand. Die reparatie duurde haast een maand, zodat hij een Mac Mini moest leasen om te kunnen blijven werken. Apple vroeg z’n mening over de herstelling van z’n MacBookPro.
Dear Apple,
At least I can still call Dell “my bitch”, because Dell means “bitch” in Dutch, but that’s besides the point.
I don’t give a rats ass about how you carve laptop bodies, as long as the machine itsels functions and continues to do so for at least 3 years.
I don’t and never have played tennis with my MacBookPro’s, so I assume them to last longer than a month. That’s right: 30 days. What are these motherboards made of? Cardboard?
Sincerely,
Sven.
Ik kom uit een wijk in een dorp. Dat dorp was oud. De oudste ijzeren hangbrug van West-Europa stond naast ons kasteel, dus het moet echt erg oud geweest zijn. Die wijk, daar waren wij eerst. Ik was anderhalf toen mijn ouders er een huis kochten. De wijk was net verkaveld en onze kavel was de eerste. We zagen aan alle kanten groen en andere kavels met bordjes met telefoonnummers op. Achter ons lagen weilanden, daarachter bossen en nog verder naar achter polderland.
Ik heb een aantal keer midden op straat een hert gezien. Niet toen alles nog leeg was, maar later. Het hert stond doodstil en schatte mij in, terwijl ik hem inschatte. Kleine reeën zijn lief, oude herten zijn indrukwekkend en mysterieus. Je bevriest net als het hert wanneer je oog in oog staat. Het is een kostbaar moment van een hogere orde.
Mijn jeugd begint afstand van mij te nemen, sommige verhalen zijn 26 jaar oud. Daarmee valt ook die tijd weg toen overal rond ons groen lag en herten de straat over staken. Het was een tijd waarin ik heel open naar het leven keek, omdat zevenjarigen meestal nog niet gekwetst zijn op een manier die muren doet groeien. Ik durfde een groot hert aankijken, nahijgend van het eind dat ik net had gerend, onbevangen.
Ik heb dit weekend een hert gezien in Antwerpen, als je even mijn metafoor wil volgen. Ik was heel even niet meer al die uitgemaakte dingen, ik wist nauwelijks nog welke kan ik op ging. Ik staarde het hert in de ogen en huilde. Het heeft, de straat overstekend, mij aankijkend, jaren weggespoeld. Het is een koude dinsdag alleen in mijn bureau, maar ik ben niet meer de man van vrijdagochtend. Ik heb weer kort haar, rode kaken en een groene short en ruik naar het gras waar ik niet in mag rennen door m’n allergie.
Dingen gebeuren. Dingen waar we geen controle over hebben. Dingen waar w e naar staren vanaf de zijlijn met een domme blik in onze ogen. We weten vaag dat we iets te maken gehad hebben met de keten gebeurtenissen die geleid hebben tot waar we naar staren, maar veel verder komen we niet.
We zouden stevig ons hoofd kunnen schudden om de mist weg te jagen, wat misschien de hele oorzaak-gevolg ketting zou onthullen, maar op dit moment voelt het als een geruststelling dat we niet te ver kunnen kijken. Opgepast: beperkte zichtbaarheid. Dat is niet altijd slecht. Mijn zusje heeft lang getwijfeld of ze die nieuwe bril wel zou houden, omdat alles zo scherp was. Ze had op zich de wereld liever iets waziger.
Dingen gebeuren, vergoelijken we. Een goed zin om verhalen af te sluiten. Zeker sterker dan “Ge hebt zo van die mensen”, “Als we maar gezond zijn” en “Dat kunnen ze u al niet meer afpakken”. Dingen gebeuren.